L' Oiseau En Cage Revera des Nuages


hier niet

Ik zag het, aan de letters die ze koos, dat ze mij hier had gezocht. Tussen de proppen op de grond en de nog lauwe warmte in mijn bed. Het is al een tijd geleden, lang genoeg om het bijna niet te zijn vergeten. Ze dacht dat ik mezelf hier in woorden op de muren had geschreven, dat deze kamer de kamer van mijn ziel was. Al wist ik niet precies waarin ze geloofde, ik wist ook nauwelijks wie ze was.

Misschien kwam zij hem hier zoeken, ooit. Al had ze moeten weten, dat hij nooit lang is gebleven. Dat hij zacht was en hard als dat moest. Of zij kwam de leegte lezen, alsof er in de kamer een liefde hing die zij nog moest leren. Daar twijfelde ik niet aan. Zij kwam misschien die liefde stelen, zacht luisteren hoe het strelen gaat, hoe hij houdt van zoenen en hoe te vrijen opdat hij langer zou blijven. Zacht en liefelijk en nog en nog en vooral niet te stoppen. Want stoppen is als doodgaan.

Misschien kwam zij zoeken hoe het verdwijnen gaat als hij de deur uit gaat, hoe wreed de liefde is die zij niet kent. De liefde die ik ben. Misschien verwachtte zij het hele verhaal, als een mythe – een erg mooi en triest verzinsel – waar men van wegdroomt maar nooit bewaarheid. Misschien waren wij, en zullen wij nog erg lang zijn, een verhaal in een paar hoofden, net genoeg om voor altijd te bestaan.

Zij ademde de lucht die ik voor mezelf had bewaard, ze keek naar wat van hem was overgebleven en voorzichtig gestapeld in de kast dat hij voor deze kamer had gebouwd. Ze keek naar de vlek op de muur, volmaakt rond als een einde dat ik had geschapen. Zij luisterde naar wat zij niet verstond en wachtte misschien op mijn terugkeer. Ze zag niet dat ik de liefde meenam een andere kamer in, liefde herwon, bezong en vermenigvuldigde en dat ik herbegon.

Ze is niet lang gebleven, de klok is blijven stilstaan, zie ik nu. Zij kwam en keek en vond alleen de leegte waarmee ze was gekomen, de rest was voor haar onvindbaar.

 

Advertenties


Koop Island Blues

hello my love
it’s getting cold on this island
i’m sad alone
i’m so sad on my own
the truth is
that we were much too young
and now I’m looking for you
or anyone like you

we said goodbye
with a smile on our faces
now you’re alone
you’re so sad on your own
the truth is
that we run out of time
and now you’re looking for me
or anyone like me

Een groet voor Groef, hij toonde wat zacht en vol schoon is. En omdat al wat mooi is, gedeeld moet worden.

Daarnaast omdat het vragen oproept, over wat was. Maar het verleden is al lang geleden, en toch voelt het soms als was alles pas gisteren.
Dit alles om te zeggen dat het best goed gaat. Dat alles beter gaat. En ook voor de verandering.
Ik luister en mijn hart zingt.




De waanzin van het detail – Sam Dillemans
05/09/2010, 12:21
Filed under: Te zien en te horen | Tags: ,

Een kunstenaar, een echte.



Over de vogel in het kooitje

Dat ik werd geboren. Dat ik ademde, leefde. Dat bloed stroomde en een hart bonkte. Dat ik sindsdien soms verloren loop en de weg terug vind. Dagen tel, jaren. Dat ik houd, van en met. Dat ik van hem houd. Dat het vaststaat. Zo vast als nooit iets tevoren stond. En dat vast eigenlijk nooit absoluut bestaat.

Ik wilde het graag vertellen, die dingen. Over een leven dat ik was, een leven dat ik had. Het leven dat is met de liefde die het kent. Soms schrijf ik in herhaling, voor de duidelijkheid, denk ik dan, maar het lijkt alleen nog warriger te worden. En dat ik die ‘soms’ ook afvraag wie dit leest, wat ze voelen, hoe ze  het – wat hier te lezen staat – van zichzelf maken. Hoe ze zich spiegelen in woorden die ik schrijf, letters die van ons allemaal zijn.  Een taal die wij begrijpen, hoe gebrekkig en schaars de woorden ook zijn.

Soms vroeg iemand of ik het erg vond, hier te schrijven wat ik voel, wie ik ben. Om mijn lichaam van glas en mijn ziel van iedereen te maken. Dat is allesbehalve wat gebeurd, antwoord ik dan. Ik schrijf, letters en woorden in een volgorde dat ze leesbaar en begrijpbaar worden. Associeerbaar, wendbaar, gevoelig. En dat men het leest, zoals men het zelf voelt, niet zoals het mijne. Dat zij het iets van hen maken dat niet meer lijkt op wat het was voor mij.

Soms vroeg ik me dan af hoe dit zou eindigen of minstens waar het heen zou gaan. Dat ik graag zou schrijven. Dingen creëren om mensen te raken. Dat, dat het liefste is wat ik wou. Misschien en hoogst waarschijnlijk. Maar dat ik nooit verder zou vliegen, dan in dit virtuele hol, een kooitje met een te grote sleutel.



De zomer in mijn bed

Zijn lichaam rook naar de zomer. Naar zee en zoenen en zon. Hij ademde snel en gaf een wakke dampende warmte af waarvan ik graag wilde dat het nog een hele poos zou blijven. Het was erg warm, hier – zo in elkaar verstrengeld – in een bed dat niet eens het onze was. Het zweet drupte rond het puntje op zijn buik dat het bewijs van zijn begin was… en ik herinnerde me niet meer dat ik zoveel van iemand had gehouden als toen. Ik glimlachte en zoende de druppels van zijn buik voor een nieuw begin.

– Voor de man van wie ik hou